Karel Smouter: Hoop is soms een kerktoren onder een supermaan

Blog | 15-04-2020Tear

Journalist Karel Smouter schrijft op onregelmatige basis blogs voor Tear over wat hem opvalt als verslaggever in coronatijd. Daarbij zoekt hij naar mensen en plekken die hoop bieden. Deze week: de kerktoren in zijn stad.

Tear vroeg me om tijdens mijn werk als verslaggever in deze tijd op de uitkijk te staan om tekenen van ‘hoop’ te signaleren. Vorige week zag ik een clown voor een raam een kinderfeestje opleuken. Een klein moment dat mij toch hoop schonk.

Ik zag de hoop gewoon even niet, ondanks de voorzichtig tot optimisme stemmende cijfers hier en elders.

Deze week leek dat mij niet te lukken. Ik zag de hoop gewoon even niet, ondanks de voorzichtig tot optimisme stemmende cijfers hier en elders. En gek genoeg was het juist een persconferentie waar geen enkele nieuwe maatregel of aanscherping werd aangekondigd die me de moed in de schoenen deed zakken. 

Ik hoorde premier Rutte reppen over de anderhalvemetersamenleving als ‘het nieuwe normaal’. En zag hoe Hugo de Jonge hem aanvulde door te spreken over apps die een melding geven als je met een besmette landgenoot in contact bent geweest. Ik kon alleen maar denken: hoe zijn we in deze toestand beland en hoe komen we er óóit weer uit?

Het was een foto op mijn tijdlijn van de ‘supermaan’ die me weer bij zinnen bracht.

Een supermaan is te zien wanneer aarde, maan en zon ‘in lijn’ met elkaar staan, met de maan op de kortste afstand genaderd tot de aarde. Heel zeldzaam is zo’n maan eigenlijk niet – het fenomeen is zo’n 3 á 4 per jaar te zien. Maar de kraakheldere lenteavond, gecombineerd met een verscherpte waarneming door een gebrek aan visuele afleiding in onze quarantaines, zorgden ervoor dat het die avond supermanen regende op sociale media. En zodoende ook op mijn tijdlijn.

Het beeld ontroerde me. Maar het was niet alleen de maan waaraan ik troost ontleende. Ook de toren eronder – door iedereen in Deventer en omstreken vermoedelijk al herkend als de toren van de Lebuinuskerk te Deventer – bracht mij hoop. 

De toren zoals die nu is, werd begin zeventiende eeuw gebouwd in de zogenoemde ‘Lantaarn’-vorm. En vanuit welke hoek je ook kijkt in Deventer; de ‘Lebuïnus’ is werkelijk overal te zien. ‘Telkens als ik na een verre reis terug naar Deventer rijd, móet ik de Lebuinus even zien. Ook al moet ik er voor omrijden’, vertellen ‘echte’ Deventenaren me daarover. En ze menen het.

Na drieënhalf jaar in Deventer ben ik ze denk ik gaan begrijpen. Bij helder weer zie ik de toren op mijn fietstochten door de omgeving soms al van kilometers ver opdoemen. Ik zie ‘m vanuit mijn werkkamer, vanuit mijn straat en vanuit de trein waarmee ik Deventer in- en uitrijd. En telkens als ik de toren zie maakt mijn hart een sprongetje. Het is een teken geworden, een ‘lantaarn’ zoals architect De Keyser ‘m ooit bedoeld heeft.

Door de foto van de supermaan boven die supertoren besteedde ik ook voor het eerst aandacht aan de teksten die rondom op de toren prijken. Vanuit de vier windrichtingen zijn verschillende tekstregels te lezen.

Fide Deo, Vigila, Consule, Fortis Age. In het Nederlands vertaald: Vertrouw op God, Wees waakzaam, Ga met overleg te werk, Wees sterk. Woorden die vier eeuwen terug op een kerktoren werden geschreven, maar die wel voor deze tijd bestemd lijken. Het was haast alsof de maan ons daar die dinsdagavond voor het Paasfeest even fijntjes op wilde wijzen.

En ineens overviel het me: die maan stond boven een superkerk, in plaats van andersom.

Nu hoor ik je denken: leuk voor je, mooi hoor, maar hoe ontleen je nu hoop aan zo’n toren? Hoop is toch wel iets anders dan een thuisgevoel bij de aanblik van een stel gestapelde stenen?

Daarvoor moet ik je meenemen naar afgelopen Paaszondag, toen we met onze zesjarige naar de kerk die bij deze toren hoort liepen. De zes weken voor Pasen werd aan hem vanuit die kerk het verhaal verteld van de Farao, de baas van ‘Angstland’ Egypte. Een ouder gemeentelid nam – toen dat nog mocht – tijdens diensten zitting op een grote, versierde stoel waar hij, vervaarlijk snurkend, die arrogante machthebber speelde. Zeker de eerste keer was het echt griezelen geblazen voor die kinderen. Zou dat de échte Farao zijn?

Toen het coronavirus net begon in te grijpen in onze levens, stuurden dominees Ingrid en Saar de kinderen uit de kerk houten uitsneden van kikkers en sprinkhanen. Hun boodschap daarbij: als die grote, boze, machtige Farao zelfs bang voor is voor sprinkhanen en kikkers, waarom zouden wíj dan voor hém vrezen? Laat staan voor corona?

Die brief kwam als een welkom geschenk in weken waarin we als ouders volop worstelden met de vraag of we onze zoon óóit weer zouden kunnen bijbrengen dat zijn ouders die voortdurend ‘afstand! afstand!’ gillen als hij door de straat rent níet ‘het nieuwe normaal’ zal blijven. 

En toen stond op deze Paaszondag onder deze toren de troon van de Farao leeg op de stoep van de kerk. En mochten de kinderen uit de kerk zélf op die troon plaatsnemen. De uittocht uit het ‘Angstland’ was voorbij, we konden dansen rond de plek waar ooit de machtigste man op aarde zat. Terwijl we daar zo stonden begon de beiaardier op het carillon vanuit de toren kinderliedjes te spelen, speciaal voor de aanwezige kinderen. 

En ineens overviel het me: die maan stond boven een superkerk, in plaats van andersom. Een plek waar de afgelopen weken weerstand werd geboden aan de angst die iedereen – van jong tot oud – in de greep gekregen had. Waar soms tegen beter weten in de hoop in leven werd gehouden door twee kosters, twee dominees, twee organisten, een zanger en een beiaardier die ons via livestreams, brieven en appjes aanmoedigden. ‘Houd moed en heb lief’, zo wappert op een spandoek aan de kerk.

Zo’n eeuwenoude plek, waar 75 jaar geleden nog de lichamen lagen opgebaard van die ongelukkige zeven verzetsstrijders én één deserterende Duitse soldaat die een half uur voor de bevrijding de Canadezen probeerden te helpen en daarbij werden neergeschoten. Een plek waarvan de oudste muren nog getuige waren van de Pest-epidemie die de plaats in de veertiende eeuw teisterde. Die branden, oorlogen, ziekten en crises doorstaan heeft. Zo’n plek, die geeft mij hoop. Gewoon door er nog te zijn.

En dan met name door het besef dat dit soort plekken overal ter wereld bestaan. Ook op veel hopelozer plekken dan Deventer anno 2020, dat goed beschouwd misschien wel een van de beste plekken ter wereld is om een mondiale lockdown te doorstaan.

Tekst: Karel Smouter. Fotograaf Supermaan: Sander Korvemaker.

Rikkert Zuiderveld & Reinier Sonneveld: ‘Mocht je vallen, dan word je toch wel opgevangen’

Verhaal | 13-07-2020 | Tear
Minella van Bergeijk gaat in gesprek met Rikkert Zuiderveld en Reinier Sonneveld over meebuigen in de storm.

10x wat we leerden in 2020

Verhaal | 13-07-2020 | Tear
De coronacrisis bracht veel mensen ook rust. Tear geeft tien tips om die rust vast te houden.

Martha Zonneveld: ‘Honger is een afschuwelijke ramp die zich voltrekt naast de dreiging van corona’

Verhaal | 03-07-2020 | Hannah Westra
Met Tear zijn we actief betrokken bij mensen die op dit moment nog middenin een lockdown zitten. Martha Zonneveld, noodhulpcoördinator bij Tear: ‘In sommige landen begint de...

Beter bestand tegen de coronacrisis dankzij de lokale kerk

Verhaal | 22-06-2020 | Annemarie van den Berg
Via lokale kerken mensen zelf uit armoede laten opstaan. Het werkt! Juist in deze coronacrisis zien we dat deze gemeenschappen beter bestand zijn tegen de gevolgen.
Babyslofjes

Kraamtijd in lockdown: net bevallen en geen inkomen meer

Verhaal | 22-06-2020 | Tear
Ineens ziet de kraamtijd er door het coronavirus heel anders uit dan dat we gewend zijn. Maar voor de 25-jarige Kabita en haar man is de kraamtijd levensbedreigend geworden.
Corona Noodhulpfonds

Steun het Corona Noodhulpfonds

Nieuws | 12-06-2020 | Tear
Het coronavirus is overal. Op dit moment zijn er al honderdduizenden mensen overleden. We maken ons grote zorgen, juist ook in ontwikkelingslanden.